Skip links
Estland voert AI-lessen in op scholen

Estland voert AI-lessen in op scholen

Estland lanceert een grootschalig nationaal programma om kunstmatige intelligentie te integreren in het onderwijs. Het project, AI Leap 2025 (Ests: TI-Hüpe 2025), gaat op 1 september 2025 van start en biedt leerlingen en docenten toegang tot geavanceerde AI-leermiddelen, waaronder toepassingen van bedrijven als OpenAI en Anthropic.

Start in het voortgezet onderwijs

De eerste fase richt zich op middelbare scholieren in de 10e en 11e klas. In totaal doen 20.000 leerlingen en 3.000 docenten mee. De deelnemers leren niet alleen hoe ze AI kunnen gebruiken, maar ook hoe de technologie werkt en welke ethische vraagstukken erbij komen kijken.

Uitbreiding in 2026

In september 2026 wordt het programma uitgebreid naar het beroepsonderwijs en de nieuwe instroom in de 10e klas. Daarmee stijgt het aantal betrokken leerlingen naar zo’n 58.000 en het aantal docenten naar 5.000. De eerste lichting die het volledige programma doorloopt, studeert af in het voorjaar van 2027.

Breder inzetbaar in de toekomst

Hoewel de focus voorlopig ligt op het voortgezet onderwijs, is het de ambitie om het AI-onderwijs uiteindelijk ook beschikbaar te maken voor basisscholen en andere onderwijsniveaus. Concrete plannen daarvoor volgen op een later moment.

Publiek-private samenwerking

Voor de uitvoering wordt in het voorjaar van 2025 de AI Leap Foundation opgericht. Deze stichting brengt overheid en bedrijfsleven samen en moet zorgen voor een verantwoorde, efficiënte invoering. De gebruikte AI-tools worden gratis beschikbaar gesteld aan scholen.

Economische en maatschappelijke waarde

Volgens minister van Onderwijs en Onderzoek Kristina Kallas is het programma van strategisch belang voor het land:

“Estlands economische concurrentievermogen hangt af van hoe goed we jongeren kunnen voorbereiden op het tijdperk van kunstmatige intelligentie.”

AI in het Nederlandse onderwijs

Terwijl Estland met het AI Leap 2025-programma een duidelijke koers vaart richting de integratie van kunstmatige intelligentie in het onderwijs, staat Nederland nog aan het begin van deze ontwikkeling. Hoewel er initiatieven zijn, zoals de handreiking van Kennisnet die scholen helpt bij het maken van bewuste keuzes rondom AI , ontbreekt het momenteel aan een landelijke strategie of verplicht curriculum voor AI-onderwijs.

In de praktijk experimenteren Nederlandse scholen op eigen initiatief met AI-toepassingen, variërend van gepersonaliseerd leren tot het automatiseren van administratieve taken . Echter, zonder een overkoepelend beleid blijft de inzet van AI in het onderwijs gefragmenteerd.

De aanpak van Estland laat zien wat er mogelijk is als je als land keuzes durft te maken. In Nederland is AI in het onderwijs nu nog vooral afhankelijk van losse initiatieven en individuele scholen die ermee experimenteren.
Maar technologie wacht niet. Als we willen dat alle leerlingen – niet alleen de gelukkigen op een paar vooruitstrevende scholen – straks begrijpen wat AI is en ermee kunnen omgaan, dan is het tijd voor een duidelijke visie. Niet morgen, maar nu.